Charles Kneefel: 4 jan 1960 – 9 aug 2026

Charles Eduard Kneefel werd geboren op 4 januari 1960 in Apeldoorn en groeide op in een adventistisch gezin van vader John, moeder Saar en twee zussen, Lizzy en Ellen. Op 20-jarige leeftijd besloot hij ook zelf lid te worden van de adventkerk en liet zich dopen op 10 mei 1980.

Het gezin Kneefel was een harmonieus gezin waar waarden als eerlijkheid, recht en rechtvaardigheid, principes (houdt vast aan waar je voor staat), gastvrijheid, geloof en oog voor elkaar centraal stonden. Waarden waar Charles zelf ook veel belang aan hechtte.

Charles was een lieve, warme, zorgzame echtgenoot, vader en grootvader, hield van geinen en was vaak in voor een grapje. Gevoel voor humor was Charles niet vreemd. Hij was rustig en toonde altijd interesse. Hij was betrouwbaar, betrokken, loyaal, oprecht, principieel, behulpzaam en gelovig.

Familie was erg belangrijk voor Charles, zowel zijn fysieke familie, als zijn geestelijke familie. Beide families hebben ook van zijn kookkunsten mogen proeven; de ene familie bij wat er maar te vieren viel, de andere bij potlucks en Bijbelstudies.

Charles spoorde jongeren aan voor God te kiezen en vroeg oprecht bewogen maar niet dwingend waarom ze zich niet lieten dopen. Waarmee hij ze aan het denken zette. Dat had resultaat!

De adventkerk heeft ook mogen genieten van zijn stem, zowel tijdens het optreden met een koor of in een zanggroep, als in zijn overdenkingen. Het geloof was bijzonder belangrijk voor hem. Het gaf hem steun en troost, maar vooral ook toekomstperspectief. Hij keek uit naar de wedekomst en de nieuwe aarde, dat gaf hem hoop. Dit geloof is een vertrouwen dat ons elke dag, stap voor stap, door het leven helpt en ons leert kijken voorbij de dood naar het eeuwige leven; het is een vertrouwen van waaruit ook Charles leefde. Hij zag uit naar de vervulling van het Bijbelse woord, waarin God ons zegt: ‘Zie, Ik maak alle dingen nieuw … Ik ben … het begin en het einde. Ik zal de dorstige geven uit de bron van het water des levens, om niet. Wie overwint, zal deze dingen beërven, en Ik zal hem een God zijn en hij zal Mij een zoon zijn.’