Een gastblog van Oliver Yeboah over de reden dat hij predikant wilt zijn. Niet waarom hij besloot het te worden, maar waarom hij nog steeds juist dit beroep wil uitoefenen.

Ik heb een beperkt aantal woorden voor dit blog. Waarom wil ik predikant zijn? Daar kan ik heel kort in zijn, maar dat zou waarschijnlijk niet Christ-like zijn. Of juist wel? Jezus kon soms ook heel erg beknopt zijn en dan zei hij: ‘Wie oren heeft om te horen, moet (maar) goed luisteren.’ Nou, in dat geval: dan maar als Jezus.

In eerste instantie ben ik nog geen predikant maar een proponent. Dat wil zeggen dat er nu getoetst wordt of ik geschikt ben om predikant te worden. Het klinkt een beetje eng, maar daar heb ik als adventist helemaal geen moeite mee omdat ik weet dat het uiteindelijke oordeel in mijn voordeel is. Het is een heerlijke proeftijd om te achterhalen of ik erbij wil horen of juist niet. De vraag waarom ik predikant ben, gaat dus voor mij niet op, want ik ben het niet. Ik mag dan wel in de verschillende gemeenten spreken, de verhalen van onze leden aanhoren, bemoeien met hun geloof, zorg bieden aan de ziel en de mensen meer bekwaam maken in hun innerlijke zoektocht naar God, maar dat maakt mij nog geen predikant. Dat zal pas gebeuren nadat mijn collega’s hun handen op mij hebben gelegd. Tot die tijd mag ik er alleen maar van dromen om predikant te zijn.

Dat doe ik dan ook, want ik loop mee met een van de besten (zo niet dé beste). We gaan samen op stap. Hij leert mij de fijne kneepjes van het vak. Soms is het serieus maar we lachen ook heel wat van ons af. Ik heb hem regelmatig aan tafel en ik durf mijn persoonlijke zaken met hem te bespreken. Zoals hij is, zo wil ik ook zijn. Zoals Christus zijn op de plekken waar ik nodig ben en het voor de mensen mogelijk te maken om God te ervaren. Dit is mijn reden om predikant te willen zijn.

Delen:

shutterstock_149026241

Plaats een reactie